Rijtest: Citroen C-Zero

Citroen C-Zero
Citroën gaat elektrisch! En het Franse merk doet dat met de C-Zero.

Maar een echt eigen elektrisch model, heeft Citroën nog niet in de rekken liggen. Enkele elektrische conceptmodellen, dat wel, maar de C-Zero is onderhuids in feite een Mitsubishi iMiev. De PSA-groep (Peugeot en Citroën) besloot samen te werken met Mitsubishi om een elektrische wagen op de Europese markt te brengen. Bij Peugeot werd dat model de Peugeot iOn, bij Citroën de C-Zero. Grote verschillen tussen beide modellen zijn er in feite niet. Enkel de afstelling van de elektromotor zorgt voor een ander karakter. De C-Zero valt direct op dankzij zijn onconventionele looks. Hij is behoorlijk smal, heeft futuristische koplampen en staat hoog op z’n poten. Alles behalve een alledaagse verschijning dus. Bovendien hoor je geen motorgeluid als je de sleutel in het contact omdraait, toch even wennen. Gelukkig verraadt een kleine bieptoon dat je kan vertrekken.

Tot zover een opsomming van de ongewoonheden aan de C-Zero. Want de C-Zero is op zich een behoorlijk gewone wagen, je hoeft helemaal geen extreme cursussen te volgen om ermee op de baan te kunnen. Hij heeft een stuur, een versnellingspook en 2 pedalen, één om te remmen en één om te accelereren. Versnellingen heeft de C-Zero dan weer niet. De elektromotor heeft dat niet nodig en dat maakt de C-Zero behoorlijk comfortabel om mee te rijden. Nooit ervaar je schokjes en de motor voelt zeer lineair aan. In de realiteit voelt het rijden aan als rijden met een automatische versnellingsbak, intussen een behoorlijk ingeburgerd ding. Aangezien het volledige koppel van de C-Zero (180 Nm) al vanaf 0 toeren per minuut beschikbaar is, voelt de C-Zero behoorlijk vlot aan bij het vertrekken. De wagen moet het vooral van zijn koppel hebben, de 67 paarden onder de motorkap zijn eerder bijkomstig. Op papier klinkt de 0 – 100 km/u sprinttijd van 15,9 seconden alles behalve aantrekkelijk, maar in de realiteit zal je merken dat je met de C-Zero niet echt veel 100 km/u zal rijden, de wagen dient voor stadsverkeer en zeg nu zelf, 100 km/u in de stad, dat gaat er toch wat over. Tussensprintjes zijn dan weer uitzonderlijk vlot, wat de C-Zero levendig maakt.

Mocht je de wagen op de autosnelweg willen gebruiken, dan kan het weliswaar. De C-Zero behaalt een topsnelheid van 130 km/u, je kan dus zelfs een snelheidsboete opdoen in deze CO2-vrije snelheidsduivel. Tijdens een rit op de autostrade, merkten we echter dat de C-Zero alles behalve thuishoort op grote banen. Vooral zijn rijbereik is hier een heikel punt. In theorie legt de C-Zero 160 km af op een volle “tank”. Tanken kan trouwens op een zeer eenvoudige manier. De koffer openen, de lader uithalen en diezelfde lader tussen wagen en stopcontact plaatsen, meer is er niet nodig. De batterijen volledig opladen duurt ongeveer 8 uur en na die tijd duidt de autonomie-meter 120 km aan. 40 km minder dan verwacht dus. En bovendien gaat de autonomie-meter uit van een rustig rijgedrag. Rij je dus tegen 120 km/u op de autostrade, slinkt het bereik zienderogen. Tijdens onze testweek hebben we gedurende ongeveer 50 km tegen 70 km/u op het rechtervak moeten rijden. Levensgevaarlijk. Bij deze dan ook onze excuses aan alle geïrriteerde vrachtwagenchauffeurs.

De autostrade mijden is dus de boodschap. Zeker voor lange afstanden. Gebruik de C-Zero waar hij hoort: in het stadsverkeer en op rustige wegen. Want daar is de C-Zero best een aangename wagen. Hij beschikt over een middenmotor en achterwielaandrijving. Jammer genoeg houden de gelijkenissen met de meeste supercars daar op, maar het basisrecept voor een leuk rijgedrag is aanwezig. Op het eerste zicht lijkt de C-Zero een hoog zwaartepunt te hebben, maar dankzij de lage plaatsing van de batterijen is niets minder waar. Echt sportief wordt deze elektrische wagen natuurlijk nooit, maar we waren toch verrast over de aangename manier waarop de C-Zero zich laat sturen. De tussensprintjes zouden we zelfs aangenaam durven noemen. Even op het “gas”pedaal duwen en je krijgt een kleine duw in de rug terwijl je een harder wordend gezoem hoort weerklinken, een beetje alsof je in de tram zit.

Bij lage snelheden functioneert de C-Zero volledig geruisloos. Zeker wanneer je de radio uit laat staan om de batterij te sparen. Al is de winst in extra autonomie zeer beperkt, gebruik de radio dus gerust! De airconditioning laat je beter uit staan, die vreet al snel een tiental kilometers van je totale bereik en als je dan ook nog eens de voorruit en de achterruit gaat ontwasemen, zie je je rijbereik van een volle tank al snel halveren. Maar goed, terug naar het geluid. Bij het starten hoor je, zoals eerder vermeld, een kleine bieptoon. De C-Zero is vertrekkensklaar! Druk je het gaspedaal in, dan hoor je een licht gezoem. Het is dus opvallend stil in de C-Zero zou je denken, maar dat is niet helemaal waar. Windgeluiden komen redelijk vlot door tot in het interieur en wanneer je een bocht neemt, hoor je dat de banden toch redelijk aan het worstelen zijn met het asfalt. Bij rustig rijden is de C-Zero dan weer muisstil, best wel leuk. En gevaarlijk voor voetgangers, waarschuwde de persafdeling van Citroën ons. Terecht, want blind overstekende voetgangers schrikken soms even als ze een wit futuristisch stadswagentje op hen zien afkomen.

Tot dusver kunnen we in feite besluiten dat de C-Zero best een aangename wagen is voor het stadsverkeer. Puik! Al is er natuurlijk één groot nadeel aan nieuwe technologieën en dat is hun prijs. Voor een kale C-Zero betaal je €35.638. De overheid sponsort CO2-vrij rijden met maximaal €9.000, maar dan nog betaal je meer dan €26.000 voor een wagen die niet echt rijkelijk is uitgerust. Je kan je als koper dan wel weer optrekken aan het feit dat een rit van 100 km je amper €3 kost aan elektriciteit. Een stuk goedkoper dus dan een wagen met compacte dieselmotor 100 km ver doen bollen. Als je aan het rijden bent, krijg je amper het gevoel met een model auto van €35.638 onderweg te zijn. Wanneer je de deuren toeslaat klinken ze niet echt solide en aan de binnenkant is alles wat je nodig hebt wel aanwezig, maar meer moet je niet verwachten. Je krijgt een kofferruimte van 166 liter, voldoende oordelen we. Het grootste minpunt aan het interieur vinden we de zetels, we voelden een soort van harde metalen lat in onze onderrug knellen, niet bepaald aangenaam.

Conclusie

Elektrisch rijden staat nog in zijn kinderschoenen, zoveel is zeker. Dankzij de beperkte autonomie van de C-Zero is het zeker geen wagen voor iedereen. Maar aan de andere kant biedt hij wel een goede en milieuvriendelijke optie voor zij die de wagen enkel gebruiken om dagelijks een beperkt aantal kilometers af te leggen. Als die mensen daar ongeveer €35.000 voor willen neertellen natuurlijk, want de nieuwe elektrische technologie is alles behalve goedkoop. Op termijn wordt technologie natuurlijk goedkoper en zullen batterijen een groter bereik kunnen leveren. Er is dus zeker een toekomst voor de elektrische wagen weggelegd. Alle begin is moeilijk, maar op zich is Citroën best wel geslaagd in haar eerste stapjes naar elektrische mobiliteit toe.

Overzicht

+ Geruisloos
+ Krachtige acceleraties
+ Geen (rechtstreekse) uitstoot

– Duur
– Onaangenaam op autosnelweg
– Beperkt bereik

Tekst & Foto’s: Jeroen Maes

Deel dit bericht:

Reageer

Reactie aan het plaatsen...